Yann Martel   Life of Pi


Dit boek begint met een sympathiek voorwoord van Yann Martel zelf waarin hij uitlegt hoe hij tot het schrijven van Life of Pi is gekomen. Na het fiasco van zijn tweede roman, die in Canada waar hij woont, slecht ontvangen werd -in tegenstelling tot de rest van de wereld waar hij 'niet' ontvangen werd- besluit hij te beginnen aan een nieuw project. Dat brengt hem in India, maar levert niets op. Wat nu Tolstoj? vraagt hij zichzelf af. Gelukkig liet Martel het er niet bij zitten en schreef dit bijzondere verhaal waarmee hij de Booker Prize 2002 verdiend won.

Dit boek is nu ook verkrijgbaar  in een gebonden heruitgave met prachtige illustraties in kleur van Tomislav Torjanac.
Het ongelooflijke verhaal van Piscine Patel (Pi), die een bootongeluk overleeft met alleen een hyena, een zebra met een gebroken been en een tijger van 200 kilo. Wie dit boek leest, móet wel geloven in de onverwoestbare kracht van verhalen. Het leven van Pi was de verrassende maar terechte winnaar van de Man Booker Prize 2002.


Het verhaal is allesbehalve doorsnee. De inspriratie deed Yann Martel op in een Indiaas koffiehuis waar een passant hem dit sterke verhaal vertelde. Het bevat de wederwaardigheden van Pi (piscine=zwembad in het frans) Patel die schipbreuk lijdt met een aantal dierentuindieren, waaronder een levensgevaarlijke tijger van 450 pond. Om te overleven gebruikt Pi alle kennis die hij in de dierentuin van zijn vader heeft geleerd. Verder is Pi heel gelovig. Zo gelovig dat hij bidt tot Mohammed, God en de Hindoe-goden. Het is een wonder dat Pi zijn avontuur overleeft. Dat vinden ook de twee Japanse verzekeringsmensen aan wie Pi zijn verhaal aan het eind van het boek vertelt. Zij geloven er niets van. Dat verzint (?) Pi een tweede versie van het verhaal met mensen in plaats van dieren als medeschipbreukelingen. Pi vraagt de twee vervolgens of deze laatste versie geloofwaardiger is. 'Maar u mist zo wel het betere verhaal'.

Een verhaal met filosofische gedachten, dieren, religie; je denkt misschien dat er niet door te komen is maar juist de lichte toon van het boek, de humor en de spanning zorgen ervoor dat het nergens saai of bloedeloos wordt. Het is een harmonieus geheel dat ons aan het denken zet over de belangrijke dingen in het leven. Niet dat ik nu ineens geloof in God (Pi zegt dat ik dat wel zal gaan doen na het lezen van dit verhaal), maar ik kan wel meegaan in wat Martel zelf zegt: Er zijn drie thema's in mijn boek. Ten eerste zeg ik; het leven is een verhaal. Ten tweede kun je je verhaal kiezen. Ten derde: het betere verhaal heeft een God erin. Daarmee bedoel ik dat geloven je leven rijker maakt. En de verbeelding ook. In het westen is verbeelding kinderlijk of vermaak, in India is de mix van verbeelding en werkelijkheid iets van het alledaagse leven en overgave daaraan is daar heel gewoon. De westerse mens vindt dat vaak erg moeilijk. Ik wil de schoonheid van geloven graag blijven zien.
Zoals een krant het mooi uitdrukte: Life of Pi may not make you believe in God. But it will make you believe in literature. En dat doet het boek zeker wat mij betreft.


 
 

 

 

  literatuur uit alle windstreken